Guido Everts
Vertel ons over je boek!
In de Middeleeuwen werd Europa christelijk, gekerstend. Dat weet iedereen. Voorchristelijke waarden, die in onze tijd steeds meer om aandacht vragen, gingen daarbij verloren. Daarover is minder bekend. Mijn eerste hoofdstuk gaat over dat historische verlies. Vijf door mij in te leiden verloren waarden zijn: voorouderverering, natuurverering, familiestructuur, lokale cultuur en vertelcultuur. Zij belichamen de band met het verleden, met de natuur en het gemeenschapsleven. De focus in het Westen werd sindsdien uitsluitend op de toekomst gericht. In de daaropvolgende hoofdstukken bespreek ik in de context van de actualiteit telkens een van deze waarden, telkens geïllustreerd met een roman.
In het laatste hoofdstuk stel ik het maken van ontstaansverhalen voor. Als remedie tegen onze te rationele en te zeer op de toekomst gerichte leefomgeving. Verhalen die het verleden helpen herbeleven en die in het gemeenschapsleven kunnen worden ingezet. Zó dat zij te vergelijken zijn met ‘stamcellen’. ‘Organen’ in de maatschappij helpen zij genezen.
Hoe is je boek tot stand gekomen? Was het een duidelijk idee vanaf het begin, of is het gegroeid tijdens het schrijfproces?
Vanuit het ongemak dat ik als jongeman ervoer met onze te individualistische en te rationele westerse gewoontes, ging ik me verdiepen in het hoe en waarom daarvan. Het belang van ‘het verhaal’ kwam daarbij al vroeg om de hoek. Dat ging ik als een soort ‘remedie’ zien, vanwege de gemeenschapszin die verhalen oproepen en door de beelden en visies op het leven die zij bieden. Als onderwijzer op de Vrije School vertelde ik verhalen voor de klas, gelukkig werd daar graag en gretig naar geluisterd. Om nadien de pen ter hand te nemen en tenslotte een onderzoek te doen naar de geschiedenis van verhalen in het onderwijs. De netelige vraag was daarbij: wat is er precies gebeurd waardoor we in het Westen, anders dan in andere culturen, de oeroude gewoonte van het orale volksverhaal zijn kwijtgeraakt? Uiteindelijk bood de geschiedenis me daar het antwoord op: de door de staat – met name in het rijk van Karel de Grote – afgedwongen afzwering van voorchristelijke waarden. Het startschot voor het schrijven van mijn boek was daarmee gelost.
Voor wie is dijn boek bedoeld?
Mijn boek is vooral bedoeld voor mensen die zich zorgen maken over onze huidige wereld. Zoekende mensen, die openstaan voor nieuwe invalshoeken. Daarbij moet elke niet-professionele lezer, al of niet met een wat aanmoediging, het kunnen lezen. Terwijl elke wel-professionele lezer zich niet beschaamd moet voelen om dat ook doen?
Schrijf je nu aan iets nieuws?
Ja, op mijn website. In de aanloop naar mijn boek schreef ik artikelen die met het onderwerp gelinkt zijn, nu schrijf ik over hoe het wordt ontvangen.
Heb je tips of advies voor anderen die een boek willen schrijven?
Belangrijk is: lang rondlopen met beelden en formuleringen en die noteren voor je begint met schrijven.
Wat lees je zelf graag? Welk boek heb je het laatst gelezen?
Sinds jaar en dag lees ik dagelijks aan mijn vrouw Marijke voor uit een roman. De in mijn boek gebruikte romans zijn door deze ‘screening’ heen gegaan. We lezen nu met veel plezier de Russische spionageroman “Liefdesnachten in de Taiga” van Heinz Konsalik.
Wat doe je als je niet aan het schrijven bent?
Als ik niet aan het schrijven ben, val ik in een diep gat dat ik probeer op te vullen met “zitten” (een soort meditatie), een studieboek, fietsen, vogelen en de hond uitlaten.
Aanbevolen voor jou