Marianne Bellen

Vertel ons over je boek!

Het boek speelt met de dubbele betekenis van het woord ‘mandarijn’: wanneer de lezer begint te lezen, denkt hij in eerste instantie dat het boek gaat over het stuk fruit. Al gauw verandert het in een avontuur van een jonge helper van de Chinese keizer, die ook ‘een mandarijn’ wordt genoemd.

We maken kennis met kindkeizer Bingdi en zijn mandarijneend Yan. Hoe de keizer woont en wat de omstandigheden zijn, komt ook aan bod en wordt op een kleurrijke manier weergegeven. De helper van de keizer en tevens het hoofdpersonage heet Ming. Hij moet elke dag een mandarijn aan de keizer bezorgen, maar stoot daarbij op een aantal problemen. Ming wil dit op een creatieve manier oplossen, maar dat loopt niet altijd zoals gepland.

Het boek neemt de lezer ook mee in een aantal historische weetjes, die op humoristische wijze worden gebracht. Het verhaal combineert dus humor met een vleugje cultuurgeschiedenis.

 

Hoe is je boek tot stand gekomen? Was het een duidelijk idee vanaf het begin, of is het gegroeid tijdens het schrijfproces?

Ik heb van kinds af aan altijd een grote interesse gehad in andere culturen. Zo zat ik vroeger vaak over te tekenen uit een boek met Chinese tekens of las ik graag boeken over de oude Egyptenaren. Creativiteit loopt ook als een rode draad door mijn leven. Zo heb ik een achtergrond in het hoger kunstonderwijs, waar ik mijn gevoel voor verbeelding en creatieve expressie heb kunnen ontwikkelen.

Het idee voor het verhaal is ontstaan doordat ik met mijn kinderen op een vrije dag samen verhaaltjes bedacht en daarvan een boekje knutselde. Mijn kinderen vonden mijn verhaaltje heel erg leuk, en zo is het idee ontstaan om er verder mee door te gaan. De reacties en spontane feedback van mijn kinderen hebben me geholpen om het verhaal verder uit te werken en te verfijnen. Daarnaast had ik meteen een idee wie ik als illustratrice wilde, en was ik heel blij toen zij mee op de kar wilde springen om dit project uit te voeren.

 

Voor wie is dit boek volgens jou bedoeld? Waarin hoop je dat een lezer zich herkent?

Het doelpubliek bestaat uit kinderen van 4 tot 9 jaar, een leeftijd waarin nieuwsgierigheid, taal en verbeelding volop groeien. Het nodigt kinderen uit om verder te kijken dan wat ze al denken te weten. Tegelijk zijn de historische feiten een interessante toevoeging voor de (voor)lezende ouders, zodat zij er op deze manier ook iets uit kunnen meenemen. Zo is het een verhaal geworden dat uitnodigt tot gesprek en samen ontdekken.

 

Schrijf je nu aan iets nieuws?

Als je het verhaal van de mandarijn gelezen hebt, kun je alleen maar concluderen dat er een vervolg aankomt, getiteld ‘De kiwi’. Momenteel is dat nog een idee dat zich aan het vormen is in mijn hoofd, maar het zal ongetwijfeld niet lang duren voordat dat tot uiting komt als een geschreven verhaal.

 

Heb je tips of advies voor anderen die een boek willen schrijven?

Niet te veel naar je innerlijke criticus luisteren, en gewoon doen. Je weet nooit welke kansen er op je pad komen zodra je aan je project begint. En niets is zo vervelend als later spijt hebben omdat je iets niet gedaan hebt.

 

Wat lees je zelf graag? Welk boek heb je het laatst gelezen?

Ik lees heel graag boeken van Liane Moriarty. Ik hou van boeken met een mysterieus kantje en een goede plottwist.

Het laatste boek dat ik las was echter ‘Het smelt’ van Lize Spit. Dit is niet het soort roman dat ik normaal zou uitkiezen om te lezen, maar door het succes van deze auteur waagde ik de sprong om het toch te lezen.

Verder vind ik de strips van Yoko Tsuno heel erg fijn om te lezen.

 

Wat doe je als je niet aan het schrijven bent?

Ik ben een toegewijde mama van drie dochters en besteed het grootste deel van mijn tijd aan hun opvoeding en welzijn. In mijn vrije tijd ga ik heel graag uit eten of bezoek ik graag een museum. Hoewel je mij kunt omschrijven als een huismus, ga ik ook graag enkele weken per jaar op reis om nieuwe culturen en omgevingen te ontdekken.

Aanbevolen voor jou